Dokter Kees trekt de stoute schoenen aan

1 Het Christian Hospital in Bangkok had een uitwisselingsprogramma met diaconessenhuizen in Nederland, waaronder ook het ziekenhuis waar Kees was gaan werken, de zaalarts uit het Amalia ziekenhuis dat Dick geloosd had. Dick was tijdens zijn retraite in het vakantieoord waar hij wel eens kwam, Kees tegen het lijf gelopen. Later hadden ze elkaar nog een keer ontmoet toen Dick en Annemarie op vakantie in Nederland waren. Het contact tussen beiden stond sindsdien op een laag pitje en beperkte zich tot felicitaties bij verjaardagen. Maar toen Dick las dat Kees nu in een diaconessenhuis werkte, maakte hij hem attent op het uitwisselingsprogramma. ‘Lijkt me iets voor jou Kees’, schreef hij. ‘Ik draag je wel voor.’

2 Dokter Kees sprong niet direct een gat in de lucht. Hij was geen avontuurlijk type. Sinds zijn afstuderen had hij alleen gewerkt in het Amalia ziekenhuis, de overstap naar het diaconessenhuis had hij alleen maar gemaakt om na zijn verhuizing dichter bij zijn werkplek te zijn. Kees was gehecht aan regelmaat en een vertrouwde omgeving. Hij besprak Dick’s suggestie met zijn vrouw Annetje, want de detachering in Thailand zou betekenen dat hij drie maanden van huis weg was. Annetje sprong wel een gat in de lucht. ‘Moet je doen, joh. Zo’n kans krijg je nooit meer. Ik kom wel een keer op vakantie en we kunnen toch elke dag skypen.’ Kees’ kinderen vielen hun moeder bij. ‘Hartstikke gaaf pa.’ Daarmee was het pleit beslecht. Kees antwoordde Dick dat hij graag wilde komen en Dick schreef een mooie aanbevelingsbrief aan de selectiecommissie.

3 Nadat Kees het groene licht had gekregen van de commissie, begon hij zich voor te bereiden op zijn nieuwe standplaats. Hij nam Thaise les bij een Nederlander die jaren in Thailand had gewoond, Thais sprak en kon lezen, want hij wilde niet met zijn mond vol tanden staan. Het duurde nog drie maanden voordat hij zou vertrekken, wat voldoende tijd was om de taal op een basisniveau te leren. Wat hielp: Kees had zich op school vrij gemakkelijk andere talen eigen gemaakt. Hij had zelfs een jaar Chinees gestudeerd, evenals Thais een toontaal. Verder verdiepte hij zich in het land aan de hand van boeken. Thailandblogs vermeed hij het liefst want die bevatten veel clichés en geouwehoer.

4 Vervelend waren reacties van sommige kennissen die Thailand beschouwden als één grote hoerenkast. Sommige reacties waren uitermate grof en ze getuigden van een pijnlijke onwetendheid. Na een tijdje deed Kees geen moeite meer dat beeld te ontkrachten want redelijke argumenten winnen nooit van vooroordelen. Hij bleef ook het liefst uit hun buurt. Maar de meeste kennissen waren blij voor hem en zijn collega’s in het ziekenhuis waren misschien wel een beetje jaloers. Kees nam zich voor als hij er eenmaal werkte hen wekelijks een nieuwsbrief te sturen.

5 Het eerste wat Kees bij zijn voorbereidingen opviel was dat het leek of er twee Thailanden zijn. Het Thais Verkeersbureau en de reisbureaus schetsten een beeld van een land, overvloeiend van melk en honing. Hij las over parelwitte stranden en azuurblauwe zeeën. Maar het nieuws riep het beeld op van een land dat is doortrokken van corruptie, waarin het milieu het kind van de rekening is en zelfs de mildste kritiek op het koningshuis goed is voor vele jaren gevangenschap. Kees vond de berichten over de Mekong het meest deprimerend. Voor deze majestueuze rivier met een rijk ecosysteem zag de toekomst er somber uit. China had al enkele dammen gebouwd, in Laos was één in aanbouw en twee in voorbereiding en er zouden meer volgen.

6 Via zijn leraar Thais kwam Kees in contact met een Nederlands-Thais echtpaar. Jacques en Soj waren al meer dan tien jaar getrouwd. Ze overwinterden in Thailand, waar Jacques in de noordelijke provincie Phrae een villaatje had laten bouwen. Daar verbleven ze van december tot en met april. In Nederland woonden ze in een ruime woning in een vakantiepark, waar permanente bewoning toegestaan was. Jacques was er voorzitter van de bewonersvereniging. Jacques sprak nauwelijks Thais, Soj sprak een beetje Nederlands. Jacques nodigde Kees uit om een dagje op bezoek te komen. ‘Zullen we je eens lekker verwennen met een verrukkelijke Thaise maaltijd’, maar die aansporing had Kees niet eens nodig.

7 Jacques zou hem met zijn auto van het dichtstbijzijnde station afhalen. Maar wie er ook uit de trein stapte, geen Kees. Hij was in slaap gevallen en schrok wakker toen de trein het station al was gepasseerd. Na een belletje haalde Jacques hem bij het volgende station op. ‘Wakker blijven hè’, waarschuwde hij. Later die middag maakten ze een wandeling langs de Oosterschelde en namen een kijkje in de jachthaven. ‘Hier ligt zeker het zwarte geld van Nederland’, veronderstelde Kees toen hij al die dure jachten zag. ‘Welke boot is van jou?’ ‘Ik moet je teleurstellen, ik heb geen zwart geld.’ Ze liepen ook langs de tuinderij waar Soj haar vakantiegeld verdiende met het plukken van frambozen, maar daarover betaalden ze keurig inkomstenbelasting.

8 Na de maaltijd, ze zaten aan de koffie, vertelde Jacques liever in Nederland dan in Thailand te zijn. Afgezien van de loom makende hitte, vooral in april, speelde voor Jacques een rol dat hij in Thailand geen bezigheden had. Na in het begin de tuin op orde te hebben gebracht en kleine reparaties aan het huis te hebben verricht, zat hij met zijn duimen te draaien en doodde de tijd met het maken van Sudoka’s. Hij was er vrij bedreven in. Het liefst wilde hij zijn verblijf in Thailand inkorten, maar Soj wilde dat niet. En ze wilde ook niet dat hij alleen eerder naar Nederland terugging. Jacques had er zich met tegenzin in geschikt.

9 ’t Is een bekend probleem’, zei Dick toen hij er maanden later met Kees over sprak. ‘Pensionades die in Spanje overwinteren, hebben hetzelfde. Afgesneden van hun sociale omgeving in eigen land, spreken doorgaans de taal niet, voelen zich eenzaam. In Thailand zie ik tal van farangs verloederen. Ze beginnen ’s ochtends al te drinken omdat ze niets te doen hebben. Terwijl er toch tal van mogelijkheden zijn om je tijd zinvol door te brengen. Tuinieren, koken, de Thaise taal leren. Ik ken een man die een eigen website heeft en daarop elke dag een rubriek schrijft met het belangrijkste Thaise nieuws. Dat haalt hij uit de Bangkok Post. Die man zal echt niet verloederen.’

10 De datum van Kees’ vertrek naderde. Hij had een vlucht geboekt bij Emirates met een tussenstop in Dubai. Een non-stop vlucht zou zeker elf uur duren, maar dat vond Kees te lang. Zo’n tussenstop breekt de reis, je kunt even je benen strekken, leek hem wel zo plezierig. Kees had op internet al foto’s bekeken van de luchthaven. ‘Wat een luxe, moet je zien’, zei hij tegen Annetje. ‘Vergeleken daarmee is Schiphol , ik wil niet zeggen armoedig, maar gewoontjes. Zal wel Hollandse zuinigheid zijn. Wij zijn meer van: Doe maar gewoon, dan doe je gek genoeg.’ Ook een vergelijking tussen Kees’ diaconessenhuis en het Christian Hospital leverde dezelfde tegenstelling op; en het Christian was niet eens het meest luxueuze ziekenhuis in Bangkok.

11 Annetje en de kinderen zwaaiden Kees op Schiphol uit. ‘Stuur je even een sms-je als je veilig geland bent’, vroeg Annetje. ‘Tuurlijk schat, doe ik.’ Voor de laatste keer at Kees een saucijzenbroodje, een lekkernij waarop hij gek was en die wel niet te koop zou zijn in Thailand, vermoedde hij. Ze namen afscheid van elkaar, Kees’ avontuur was begonnen, want zo beschouwde hij zijn detachering. Hij was ook een beetje gespannen, want had nog niet veel gevlogen in zijn leven. Maar de vlucht verliep vlekkeloos. Zelfs boven de Golf van Bengalen bleef de gebruikelijke turbulentie uit. Niettemin was Kees blij toen hij voet op vaste grond kon zetten.

12 Dick haalde hem op. Ook nu weer was de wachttijd bij Immigration extreem lang ondanks alle verzekeringen van de Thaise autoriteiten dat ze de problemen van onderbezetting en inroostering onder de knie hadden. ‘Pfft’, wat duurde dat lang’, verzuchtte Kees. ‘En wat was die douanebeambte chagrijnig. Op Schiphol wensten ze mij een goede reis, maar bij deze man kon er geen vriendelijk woord vanaf. En dit land verkoopt zichzelf als het land van de glimlach. Laat me niet lachen.’ Ze namen de Airport Rail Link want, zo zei Dick: ‘Bij de taxistandplaats zal wel een lange rij wachtenden staan en die chauffeurs zijn niet allemaal te vertrouwen. Een collega vertelde me laatst dat een chauffeur bij een van zijn kennissen die op vakantie was gekomen, halverwege de meter uitzette en 700 baht eiste. Ja, voor een rit die hooguit 200 à 300 baht kostte.’

Reacties niet mogelijk