Negatief denken

Ik zou nog wel honderd boeken willen schrijven, want om onder de grond te worden gestopt met alleen het Basisboek journalistiek (als co-auteur) en Dit leest geen hond op mijn naam, vind ik wat magertjes. Niet dat ik niet trots ben op beide boeken. Ze verkopen lekker, ze staan vol met mooie verhalen, maar je trekt er geen volle zalen mee.
Zo nam mijn dochter van 11 Basisboek Journalistiek eens mee naar school om haar klasgenootjes te imponeren. Ze vonden het maar een ‘stom’ boek en begrepen niet waarom je dat allemaal moet weten. En geef ze eens ongelijk: die kinderen schrijven regelmatig in de schoolkrant, illustreren hun artikelen en krijgen altijd veel lof voor hun pennevruchten van opa’s en oma’s.
Voorlopig heb ik vijf boeken op mijn schrijflijstje staan.

 * Nummer 1 gaat De kracht van het negatieve denken heten. Ik ga er de vloer in aanvegen met valse profeten als Emile Ratelband, Louise Hay en Wayne Dyer. Zeggen zij: ‘think positive’, dan komt alles goed; mijn boodschap luidt: kanker er naar hartelust op los, klaag steen en been, zeur en mopper vooral. Dyer zegt: Geloof in jezelf. Maar ik zeg: Geloof niet in jezelf; geloof liever in een erudiete schrijver die Grieks kan lezen. Dyer zegt: Weten jullie waarom ik kalend ben? Vanwege mijn fantastische seksleven. Maar ik zeg: Weten jullie waarom bananen kaal zijn? Omdat ze nooit neuken. Hay zegt: Niemand hoeft ziek te zijn. Maar ik zeg: Hay heeft fever.

* Boek nummer 2 gaat Leef gezond; dans de kula-kula heten. De ‘kula-kula’ is een dans die onlangs is ontdekt in de binnenlanden van Borneo bij een volk dat nooit ziek is. Antropologen en medici verklaren dat uit de circulaire vibraties die deze dans oproept. Het hart gaat daardoor regelmatiger kloppen (weg pace-makers) en je hoeft nooit meer die taaie muesli te eten, omdat je maagdarmkanaal veel beter gaat werken.

* Het derde boek heeft als werktitel De kunst van het vervelen. Daarin trek ik ten strijde tegen fitness, joggen, wildwaterkanoën, avontuurlijke vakanties en skieën. Weg met adviezen als ‘Brei een sprei in je vrije tijd’, ‘Ga eens naar de kapper voor een nieuw image’ en ‘Haal de bezem door je huis’, want: vervelen is de nieuwe trend. Het wordt uiteraard een heel vervelend boek, want je moet je boodschap tenslotte ook zelf in praktijk brengen.

* Nummer 4 krijgt een lange titel: Alles wat U altijd al had willen weten over studenten, maar niet durfde vragen. Daarin ga ik eens haarfijn uit de doeken doen, dat studenten bepaald niet de Uitvreters zijn waar velen ze voor houden. Nee, integendeel: studenten zijn het nieuwe proletariaat van Nederland. Ze moeten in rokerige cafeetjes werken om meer op hun brood te kunnen smeren dan pindakaas en als ze hun einddiploma op zak hebben, zijn ze werkloos, tenzij hun vader Heineken of Heyn heet.

* En dan mijn magnum opus, nummer 5. Dat gaat Basisboek journalistiek heten. Daarin ga ik vertellen dat journalisten lui en sensatiebelust zijn, niet kunnen lezen, stelselmatig te laat komen, overal een eigenwijze mening over hebben, niet kunnen luisteren, je woorden in de mond leggen, met politici slijmen, te veel drinken, achter de wijven (of kerels) aan zitten, slonzig gekleed zijn, te veel roken, ongezond eten en negatief denken.

 Hoor ik nu een wijsneus mompelen: maar dat boek heb je toch al geschreven?

  1. No comments yet.

  1. No trackbacks yet.