Jongensdroom

Zo nu en dan kom ik in de krant berichten tegen, waar ik meer over wil weten. Vorige week nog. Een 36-jarige Vlaardinger staat in politietenue het verkeer te regelen in de Rotterdamse Spaanse polder. Erg professioneel deed hij dat niet, want hij liet de meeste auto’s door rood licht rijden. Politieagenten (echte) die een kijkje kwamen nemen, kregen argwaan en namen de man mee naar het bureau. Daar namen ze zijn uniform en handboeien in beslag.
Wanneer dit incident zich twee dagen later, op donderdag 1 april, had afgespeeld, zou ik wantrouwend zijn geworden. Maar het was dinsdag en de man was bloedserieus. Hij gaf als verklaring dat hij altijd al agent had willen worden, maar dat niet van zijn moeder had gemogen. Gelukkig zijn er op het kruispunt geen ongelukken gebeurd, dus hoop ik maar dat de man er met een politionele glimlach vanaf is gekomen.
‘s Mans nooit gerealiseerde toekomstdroom klinkt aannemelijk. Toen ik jong was, waren stoere beroepen populair bij mij en mijn leeftijdsgenoten. Beroepen als winkelier, kantoorbediende, kleermaker, cafébaas – ik noem maar een paar zijstraten – stonden niet op ons verlanglijstje. Brandweerman of politieagent wilden we worden. Prachtig toch, om midden op een kruispunt met weidse armgebaren, soms met behulp van een ingenieus klapbord, het verkeer in goede banen te leiden.
Dus ik heb wel sympathie voor mijn stadsgenoot. Er bestonden, toen hij jong was, nog geen televisieprogramma’s die dromen lieten uitkomen. Voor klaar-over was hij te jong en beroepskeuzeprojecten, waarbij je één dag aan je toekomstige beroep kunt snuffelen, zullen er ook wel niet zijn geweest. Tja, wat moet je dan? Dan grijp je, inmiddels aan moeders rokken ontgroeid en vier jaar voordat je midlife crisis begint, je kans en je maakt een oude, nimmer vergeten droom waar.
Eén ding vermeldt het krantenbericht niet: hoe is die man thuisgekomen? Zijn uniform werd inbeslaggenomen. Zou hij in zijn ondergoed het bureau hebben moeten verlaten?

  1. No comments yet.

  1. No trackbacks yet.