F-J

Facts are sacred, comment is free
Uitspraak afgeleid van ‘Comment is free but facts are sacred’ (C.P. Scott in de Manchester Guardian van 6 mei 1926), die aangeeft dat er een strikte scheiding dient te zijn tussen nieuws en commentaar. Hoe moeilijk en vaak bediscussieerd wordt deze scheiding nog steeds in de meeste kranten gehanteerd. De Neue Zürcher Zeitung doet dit niet. Dit Meinungsblatt heeft geen opiniepagina, de hoofdartikelen en commentaren zijn over de katernen verspreid. Buitenlandse correspondenten en redacteuren geven niet alleen de feiten, maar zij vermelden ook wat zij ervan vinden. Zolang de lezer maar alle feiten krijgt gepresenteerd, is dit toegestaan, is de redenering.
Zie ook: commentaar; hoofdartikel; objectief.

fade
Vloeiende overgang tussen twee scènes via een zwart beeld.

faits divers
Uiteenlopende (nieuws)feiten, varia. In kranten en tijdschriften vaak in rubrieken gestopt: Dingen van de Dag, Stadskroniek, Klein Vuil, Sport Kort enz.

familiebericht

FAPRA
Federation of African Public Relations Associations

FAPRO
Federation of Asian Public Relations Organizations

Far Eastern Economic Review
Ruim een halve eeuw de meest gezaghebbende bron van nieuws en commentaren over Azië. Het blad werd opgericht in 1946 en werd gemaakt door Engelstalige expats en hoog opgeleide lokale journalisten. In 1986 werd de Review overgenomen door het Amerikaanse concern Dow Jones, die er in 2004 een maandblad van maakte. In december 2009 verscheen het laatste nummer. (Bron: NRC Handelsblad, 2-3 januari 2010)

faxkrant
Krant die abonnees via hun fax-apparaat ontvangen. De eerste fax-krant van Nederland verscheen medio maart 1992 in Alkmaar. Het blad werd uitgegeven door het Alkmaars journalistencollectief FaxPress en bevatte lokaal sociaal-economisch nieuws. Faxkranten bestaan inmiddels niet meer.

fax
Apparaat dat via een telefoonlijn tekst en illustraties overseint. Afgeleid van facsimile (reproduktie). Ook ‘telecopier’ en ‘telefax’ genoemd.

feature
Journalistiek genre dat kenmerken bevat van de reportage, het achtergrondverhaal en de nieuwsanalyse. In Basisboek Journalistiek wordt de feature niet als afzonderlijk genre behandeld.

feuilleton
Oorspronkelijk een bijblaadje van de Franse kranten, waarin advertenties stonden. Omstreeks 1800 begon de Franse theatercriticus Abbey Julien Geoffroy zo’n blaadje te vullen met allerlei grappige, scherpzinnige stukjes, geschreven in een zeer persoonlijke stijl. Later verhuisde het feuilleton naar de krant, zelfs naar de voorpagina, waar het met een dikke, zwarte streep – de feuilletonstreep – gescheiden werd van nieuws en hoofdartikel. Het romanfeuilleton (een roman in afleveringen waarvan dagelijks of wekelijks een stukje werd gepubliceerd) verscheen voor het eerst in 1842 in Frankrijk. ‘Een roman met theelepeltjes toegediend’, aldus W.N. van der Hout in 1928.
Het eerste feuilleton in Nederland verscheen in 1855. Bekende feuilletonschrijvers waren Multatuli, Samuel Falkland (Herman Heijermans) en Barbarossa (J.D. Schrder).  Het polemische dagbladcolumnisme ontwikkelde zich pas na de afschaffing van het Dagbladzegel (ontleend aan Ad Gijselhart, De column als vrijplaats). Tegenwoordig wordt de term feuilleton niet meer gebruikt en spreekt men van column.
Zie ook: cursief.

FIARP
Inter American Federation of Public Relations Associations

FIEJ
Fédération Internationale des Editeurs de Journaux Internationale: internationale federatie van dagbladondernemers.

FIEJ – Golden Pen of Freedom

file
Elektronisch bestand, opgeslagen op floppy of harde schijf. Een bestand dat alleen tekst bevat, wordt ook wel ‘tekstfile’ genoemd.

film
Audio visueel medium dat gebruikt maakt van het lichtgevoelige celluloid en veel mogelijkheden heeft (bioscoop, televisie, de vakantiefilm etc.).

financiële persagenda
De coördinatie van financiële persconferenties om te voorkomen, dat gelijktijdig verschillende bedrijven hun jaarverslag aan de pers presenteren.

flash
Attendering door persbureau op belangrijk bericht.
Zie ook: belletje.

Fleet Street
Fleet Street is een smal straatje vlakbij Saint Paul’s Cathedral in Londen. waar sinds 1702 (Daily Courant) tot 2009 alle Britse landelijke dagbladen en internationale persbureaus waren gevestigd. De uittocht begon in 1986 toen mediamagnaat Rupert Murdoch de machtige vakbonden van drukkers trotseerde en zijn kranten The Times, The Sun, The Sunday Times en News of the World naar Wapping in Oost-Londen verplaatste. De andere titels volgden spoedig naar andere, goedkopere lokaties met betere computerfaciliteiten en minder arbeidsintensieve technologie. In de hoogtijdagen zaten de talrijke pubs en bars in Fleet Street  vol met roddelende journalisten, krantendirecteuren en drukkers. Als laatste vertrok persbureau AFP.
Zie ook: Nieuwezijds.

floor manager
Omroepmedewerker die onder leiding van de regisseur de opname leidt in de studio en aanwijzingen geeft aan de presentator, etc.

fluistercampagne
Het opzettelijk verspreiden van een gerucht om de reputatie of omzet van een bepaald bedrijf of produkt te schaden.

Fonds Journalistiek Projecten
Stichting, in 1990 opgericht, op initiatief van enkele journalisten die vonden dat journalistiek die intensief onderzoek of hoge voorbereidingskosten vergt, nauwelijks bestond in Nederland. Het fonds kreeg van minister d’Ancona een startkapitaal van 1 miljoen gulden. Volkskrant en NRC Handelsblad hebben besloten geen beroep te (laten) doen op het fonds. Zij vinden dat goed gedijende kranten zelf in staat moeten zijn journalisten voor langere tijd op pad te sturen. Critici vinden dat een journalist zijn onafhankelijkheid op het spel zet als hij zijn hand bij de overheid ophoudt. Het fonds heeft in 1991 38 aanvragen voor subsidie gehonoreerd, waaruit waarschijnlijk 45 artikelen of programma’s en 23 boeken zullen voortkomen. Tweederde van de projecten heeft betrekking op het buitenland. Adres: Singel 464, 1017 AW Amsterdam. Tel. 020-386295.
Zie ook: I.F. Stone.

font
Lettertype.

format

forummodel van de massamedia
Model waarin het verschaffen van nieuws (informatiefunctie), het beoordelen van gebeurtenissen (opiniëringsfunctie) en het kritisch volgen van ontwikkelingen (kritiekfunctie) door de media centraal staan.

foto-archieven
Documentatie en opslag van foto’s.  Aanwezig bij kranten, tijdschriften en persbureaus, zoals ANP-foto, Anefo, Hollandse Hoogte en Benelux Press.

foto expositie
Tentoonstelling van foto’s zoals de expositie van de World Press Photo.

foto
1 Een beeld, verkregen door lichtval op een dunne film, de ontwikkeling van die film tot negatief en de afdruk van dat negatief op speciaal daarvoor geprepareerd papier. 2 Een beeld digitaal opgeslagen op een geheugenkaart.

Fotojournalist van het Jaar

fotojournalist
Ook: persfotograaf. Fotograaf die in vast dienstverband of op contractbasis foto’s voor de krant maakt. Nederlandse Vereniging van Fotojournalisten.

fotojournalistiek
Dr. Erich Salomon (1886-1944) wordt als pionier van de fotojournalistiek en uitvinder van de ‘candid camera’ beschouwd. Hij is vooral bekend geworden door zijn niet geposeerde foto’s van society en politieke bijeenkomsten. Om ongemerkt opnamen van beroemde tijdgenoten te kunnen maken, verstopte hij soms zijn Ermanox in een plantenbak, koffer of doedelzak. In de rechtszaal fotografeerde Salomon de moeder van een drievoudig moordenaar door een gat in zijn hoed. Klassiek is de foto uit 1931 van Aristide Briand die lachend recht in Salomons camera wijst tijdens een banket in Parijs: ‘Ah, le voilá! Le roi des indiscrets.’ Na de machtsovername van de nazi’s in Duitsland zette Salomon zijn loopbaan voort in Nederland en werd de sterfotograaf van het populaire tijdschrift Het Leven.

Fourth Estate
(schertsend) Bijnaam van de pers in Engeland. De term werd voor het eerst door Edmond Burke tegen het eind van de achttiende eeuw gebruikt in het Engelse parlement. Hij noemde de drie standen, de Lords Spiritual, de Lords Temporal en de Commons, die de macht in handen hebben en voegde daaraan toe, wijzend op de perstribune: ‘And yonder sits the Fourth Estate, more important than them all.’
Zie ook: macht.

fouten
Doctors bury their mistakes. Lawyers hang theirs. And journalists put theirs on the front page.

free publicity
Gratis publiciteit. Van free publicity is sprake als in de redactionele kolommen aandacht wordt besteed aan een bedrijf of zijn produkt(en). Een niet te versmaden vorm van publiciteit omdat redactionele artikelen globaal door zes keer zoveel mensen worden gelezen als een advertentie (David Ogilvy, Ogilvy over reclame, Amsterdam 1984). Een krantenbericht naar aanleiding van een persbericht, -conferentie, jubileum of bedrijfsbezoek is een voorbeeld van free publicity.

freelance journalist
Journalist die niet in loondienst is. Freelancers zijn de vrije vogels van het vak, maar het kost hun veel moeite om aan een behoorlijk inkomen te komen. Volgens Henk Vreekamp, auteur van Freelance journalistiek, verdient zestig procent gemiddeld een schamele 1150 gulden per maand.

freelance-boekje
Ledenboekje van de sectie freelance van de NVJ met namen en adressen van zevenhonderd freelancers op het gebied van radio, tv en schrijvende pers.

full spread
Over een hele pagina afgedrukte foto of illustratie.

Full Color
Eerste glossy maandblad voor ‘kleurrijk Nederland’. Het blad werd in 1991 geïntroduceerd, verscheen in 1992 slechts twee keer en legde in 1993 het loodje, toen het Bedrijfsfonds voor de Pers niet bereid  bleek het toegezegde krediet van 185.000 gulden beschikbaar te stellen.
Zie ook: allochtonen media.

gatekeeper

GBVN
Beroepsvereniging Grafisch Vormgevers Nederland Doel: Ontwikkeling van het vak, belangenbehartiging en advisering. Tel 020-62244748.

gele pers
Zie: yellow press.

geloofwaardigheid

geluidsband
Auditief medium waar geluidssignalen op magnetische sporen worden aangebracht, die met een spoel worden afgespeeld.

geluidscassette
Auditief medium volgens hetzelfde principe als de geluidsband, maar de sporen zitten hier opgerold in een cassette.

geluidsfilmprojector
Projector met de mogelijkheid om naast beeld ook geluid weer te geven.

gemeentelijk informatiecentrum
Voorlichtingsruimte waar inwoners informatie kunnen krijgen inzake gemeentelijke aangelegenheden, die voor de inwoners van belang zijn.

gemeentevoorlichting
Het verstrekken door de gemeente van informatie, die voor de inwoners van belang wordt geacht.

gemengde berichten

Genootschap Onze Taal

geografische segmentatie
De verdeling van markten in geografische eenheden, zoals: administratieve provincie, afgeronde provincie,  Cebuco verzorgingsgebied, economisch-geografisch gebied (CBS), gemeente, wijk, Nielsen-gebied, nodaal gebied.
Zie ook: marktsegmentatie.

gerubriceerde advertentie
Zie: rubrieksadvertentie.

gestreken papier
Papier waar een dunne laag is aangebracht van een mengsel van kaoline en casene en daardoor geschikt is om rasterafbeeldingen op af te drukken.

gewogen bereik
De som van het aantal gewogen personen dat met een specifiek medium, dan wel met een door een concrete communicatie-uiting ingenomen gedeelte van een medium wordt geconfronteerd. Bijvoorbeeld: Indien het ongewogen bereik 300.000 is en een derde gedeelte van dit bereik de weging 1,0 ontvangt, een ander derde gedeelte de weging 0,5 en de overige personen de weging 0,75, dan is het gewogen bereik 1,0 x 100.000 + 0,75 x 100.000 + 0,5 x 100.000 = 225.000.
Zie ook: zie bereik.

ghostwriter
Schrijver van speeches of autobiografieën die anoniem blijft en het auteursrecht overdraagt aan de spreker of de persoon wiens autobiografie hij heeft geschreven.

global village
Term van McLuhan. Door de elektronische media zou de wereld verworden tot een ‘dorp’, waarin iedereen elkaar kent,  weet wat er gebeurt, en met elkaar communiceert.

glossy

GOC
Genootschap voor Openbaar Contact. Voorloper van het NGPR, opgericht in 1946 en in 1954 opgevolgd door het NGPR.

Gonzo journalism
Verslaggeving waarbij feiten en fictie gemengd worden. De term is bedacht door Hunter S. Thompson. Hij maakte in het Amerika van de jaren zeventig naam met hilarische scheldreportages voor het hippe tijdschrift Rolling Stone. Bekend van hem zijn Hells Angels (1968), Fear and Loathing in Las Vegas (1971), Fear and Loathing on the Campaign Trail (1973) en Better than Sex (1992). In tegenstelling tot wat wel gedacht wordt, schreef hij zijn reportages niet in een drugsroes maar in nuchtere toestand.

goodwillreis
Reis van diplomaten, politici of koninklijke hoogheden die dient om een goede verstandhouding te realiseren of te bevorderen (bijvoorbeeld een staatsbezoek).

Gooise matras
Badinerende term voor de omroepwereld, die suggereert dat promiscuïteit hoogtij viert in Hilversum en nieuwkomers slechts via het bed van de regisseur een rol(letje) in de wacht kunnen slepen. Talkshow-presentator Jan Lenferink: ‘De Gooise matras is in werkelijkheid een verzameling gammele  dienstwagens op het zijweggetje naast studio 4, waarin een naar goedkope whisky ruikende chef Amusement te vroeg klaarkomt in de hemel van een lichtelijk besnorde, al wat oudere secretaresse die eigenlijk liever een streekroman had gelezen, maar nu eenmaal aan haar carrière moet denken omdat de video nog niet afbetaald is.’ (NRC Handelsblad, 25 mei 1992)

Gouden Gids
Telefoongids van beroepen en bedrijven, zowel alfabetisch op naam als op rubriek gerangschikt. Ook op cd-rom en internet. Adres: Gouden Gids BV, Ho ekenrode 1, 1102 BR Amsterdam. Tel 020-5676767. Fax 020-6961866.

Gouden Pennetje
Aanmoedigingsprijs voor jong journalistiek talent, in 1984 ingesteld ter gelegenheid van het 25-jarig bestaan van het Nederlands Genootschap van Hoofdredacteuren. De prijs bestaat uit 5000 gulden, een ‘gouden’ vulpen en een oorkonde. In 1999 verscheen Het gouden pennetje. Zeventien journalisten over hun fascinerende vak met bijdragen van alle prijswinnaars.
Zie ook: persprijzen.

Gouden Effie
Belangrijkste reclameprijs in Nederland.
Zie ook: Gouden Loekie.

Gouden Loekie

GPD
Geassocieerde Pers Diensten. Centrale nieuwsorganisatie van zeventien grote regionale dagbladen met een gezamenlijke oplage van 1,2 miljoen exemplaren.  Opgericht in 1936 als vereniging De Grote  Provinciale Dagbladen, in het begin van de oorlog opgeheven, in 1946 heropgericht en in 1969 herdoopt in Gemeenschappelijke Persdienst. De GPD werkt voor de   aangesloten bladen en de bladen fungeren via de GPD ook als elkaars correspondenten. Bij de GPD werken vijftig redacteuren en vijf ‘gedetacheerde’ verslaggevers: verslaggevers van de aangesloten kranten die telkens voor een half jaar meedraaien op de GPD-redactie. Het net van correspondenten in het buitenland is het op een na grootste van Nederland. De GPD heeft vestigingen in Den Haag en Amsterdam, Bonn, Brussel, Londen, Moskou, Parijs en Washington.
In 2010 verhuist de GPD naar het pand van ANP in Rijswijk. Later moet ook samenwerking op redactioneel vlak van de grond komen. In 2006 probeerde de GPD nog samen met het Amsterdamse persbureau Novum Nieuws een concurrent te vormen voor het ANP. Dat plan mislukte, omdat de grote kranten uiteindelijk niet overstapten naar GPD/Novum. (NRC Handelsblad, 12-13 december 2009)
Zie ook: ANP.

grafisch ontwerper
Deskundige die de vormgeving van drukwerken ontwerpt.

grafische bonden
Werkgevers: Koninklijk Verbond van Grafische Ondernemingen/FGE (020-6796551). Werknemers: onder meer FNV-bond Druk en Papier (020-6735431). De grafische bonden voeren CAO-besprekingen voor het grafisch en administratief personeel bij drukkerijen.
Zie ook: CAO; NDP; NNP; NOTU.

grafische vormgeving
Vakgebied dat zich bezighoudt met vormgeving van drukwerken: lay-out, lettertype, corpsgrootte etc.

gramgewicht
Dikte van het papier, uitgedrukt in grammen per vierkante meter.

Granta
Toonaangevend literair en journalistiek blad in de Engelssprekende wereld.

graphic
Niet-fotografische illustratie, zoals ‘verluchte’ statistiek, tabel, kaartje, tekening, portret, karikatuur, vignet of een combinatie daarvan. USA Today is initiatiefnemer en trendsetter op dit gebied, dat voortkomt uit de gedachte dat de lezer onder invloed van de televisie meer beeldgericht is dan vroeger. Grafics worden op een computer getekend en met een laserprinter afgedrukt. ANP en GPD hebben sinds 1988 een eigen graphicsdienst. In Nederland is het Algemeen Dagblad koploper bij het gebruik van graphics.
Zie ook: krantenvormgeving; ontlezing.

gratis kranten
Zie:
http://www.newspaperinnovation.com en Free dailies 1995-2009.

grazing
Zie: zappen.

grid
Zie: stramien.

groene boekje
Woordenlijst van de Nederlandse taal, naar zijn groene kaft doorgaans aangeduid als ‘het groene boekje’. Bij de spellingwijziging van […] is de voorkeurspelling afgeschaft. De gewijzigde regel met betrekkig tot de tussen-n kreeg veel kritiek.
Zie ook: dikke Van Dale.

guillemet
Aanhalingsteken dat onder andere in Frankrijk wordt gebruikt in plaats van onze apostrof, zowel dubbel als enkel. Aanhalingsteken openen: <. Aanhalingsteken sluiten: >. Het teken is afgeleid van de Franse naam voor Willem, naar de zestiende-eeuwse drukker en letterontwerper Guillaume le Bé (1525-1598), die het teken als eerste gebruikte en waarschijnlijk ook ontwierp. Een rood guillemet werd in 2010 het gezichtsbepalend onderdeel van de nieuwe campagne van NRC.

GVO
Gezondheids Voorlichting en Opvoeding.

h.a.h.
Zie huis-aan-huisbladen.

haarlijn
Dunne lijn (0,25 mm) tussen kolommen.

halfjaarpublicatie
Halfjaarsverslag van een organisatie, dat bestaat uit kwantitatieve gegevens, een toelichting op de activiteiten en resultaten in het eerste halve jaar en eventueel een toekomstverwachting voor het hele boekjaar.

halftoonafbeelding
Afbeeldingen met genuanceerde grijzen of kleuren, die in raster dienen te worden gereproduceerd.

Handboek van de Nederlandse Pers en Publiciteit
Driedelige persalmanak met alle verschijnende titels van periodieken, verwijzing naar redacties, uitgevers en advertentietarieven, voorlichters, zelfstandige fotografen, reclamebureaus, brancheregister van periodieken, overzicht uitgaven per gemeente, organisaties, AV-producenten en zendgemachtigden. Uitgever: Nijgh Periodieken, postbus 122, 3100 AC Schiedam. Tel 010-4732000. Fax 010-4739911.

hartpagina
Zie: middenpagina.

hartsrubriek
Rubriek waarin lezers(essen) advies krijgen over opvoedings-, liefdes- en emotionele problemen.
Zie ook: agony aunt; Lieve Lita.

Hasselblad
Merknaam van fabrikant van fotoapparatuur, die een grote naam heeft op dat gebied.

Havenloods
Zie: huis-aan-huisblad.

headline
Zie: hoofdkop.

Henri Sijthoff prijs
Prijs voor het beste financieel jaarverslag, in 1954 ingesteld door de uitgever van Het Financieele Dagblad.

Hilten, Caspar van
Uitgever van de oudste bekende Nederlandse krant, Courante Uyt Italien, Duytslandt, &c. Een fascimile van de editie van 14 juni 1618 bevindt zich in het Persmuseum te Amsterdam. Het origineel, dat in Zweden wordt bewaard, was in mei/juni 2010 een maand lang te zien in de Koninklijke Bibliotheek in Den Haag. Aanleiding was de lancering van een website met historische kranten, van 1618 tot 1995. De oudste bekende krant ter wereld stamt uit 1609: de Duitse, wekelijks verschijnende krant Aviso met als ondertitel ‘Relation oder Zeitung’, te Wolffenbütel.

hoerejong
Uitgangsregel (niet volle, laatste regel van een alinea) die bovenaan een tekstkolom of een pagina staat.
Zie ook: weesmeisje.

homoniemen
Woorden die op dezelfde wijze worden geschreven maar een verschillende betekenis hebben.

hoofd voorlichting

hoofdartikel
Redactioneel artikel van meestal politieke strekking dat over een actuele kwestie handelt, meestal geschreven door de hoofdredacteur. Hoofd artikelen worden geacht de opvatting van de krant weer te geven als totaliteit en zijn dan ook zelden ondertekend. Volgens sommigen geïntroduceerd door Charles Boissevain in het Algemeen Handelsblad (Van Dag tot Dag, sinds 12 november 1887). Anderen geven Abraham Kuyper deze eer (De Standaard, Driestarren, sinds 1872). Het hoofdartikel stond ooit als gezaghebbend woord van de krant op de voorpagina, maar is inmiddeld teruggedrongen naar de drie, of nog verder weg. Trouw bracht het […] weer terug naar de voorpagina.
De enige hoofdredacteur die zijn baan kwijt raakte vanwege een door hemzelf geschreven hoofdartikel was prof. dr. M.C. van Mourik Broekman van het Utrechtsch Provinciaal en Stedelijk Dagblad. Vijf maanden in functie schreef hij op 3 juli 1934 bij het overlijden van prins Hendrik onder meer: ‘Het moge den Prins niet gegeven zijn geweest, krachtens zijn persoonlijkheid en wijze van leven om eerbied af te dwingen.’ De voorpagina met het gewraakte artikel werd uit de buiteneditie verwijderd, de volgende dag bood de auteur zijn excuses aan en een dag later nam hij ontslag.

hoofdkop
Kop van één of meer regels boven een artikel. Meestal gewoon ‘kop’ genoemd. Andere koppen zijn: chapeau (bovenkop), onderkop en tussenkop.

hoofdredacteur
Hoogste functie ter redactie. De hoofdredacteur is verantwoordelijk voor de inhoud van de krant. In toenemende mate is hij meer manager van zijn redactie dan journalistiek leidsman van de krant. Een hoofdredacteur werkt gemiddeld 58 uur per week, aldus een onderzoek door Bureau Research + Marketing BV in 1990. Zijn werkzaamheden bestaan uit overleg met deelredacties, directie, redactievergadering, redactieraad, techniek en marketing (20 uur), het lezen van andere kranten (6,5 uur), overleg met adjuncts en chefs (6 uur), het lezen van de eigen krant (4,8 uur), correspondentie (3,6 uur), het lezen van interne stukken (3,5 uur) en het schrijven van een redactioneel commentaar (3,4 uur).

Hoofdredacteuren, Nederlands Genootschap van

hoor en wederhoor
Klassieke regel in de journalistiek, afgeleid van audi et alteram partem: hoor ook de andere kant. Beter gezegd: publiceer alle relevante feiten en meningen. Volgens de Raad voor de Journalistiek is wederhoor geen journalistieke verplichting, maar wel ‘aanbevelenswaardig, niet alleen omdat dit de positie van de betrokken journalist versterkt en de waarde van zijn oordeel vergroot, maar ook omdat het een aanwijzing geeft dat hij zonder vooringenomenheid en met gevoel voor rechtvaardigheid te werk is gegaan’. In een aantal gevallen kan wederhoor achterwege blijven, zie hiervoor: Jeanne Doomen, Opinies over journalistiek gedrag, de uitspraken van de Raad voor de Journalistiek 1960-1987, Arnhem 1987.
Zie ook: Raad voor de Journalistiek.

hoorzitting
Bijeenkomst tijdens welke een persoon of groep personen een toelichting geeft inzake een bepaald probleem, beslissing of idee.

houding
De wijze waarop mensen bepaalde zaken bezien en ervaren.
Zie ook: journalistieke attitude.

houdingsverandering
Een van de doelen van voorlichting en PR: de doelgroep zodanig voorlichten of informeren, dat hun zienswijze of ervaring ten opzichte van een bepaald idee of produkt ten gunste van dat idee of produkt verandert.

houten interview
‘Draaien we echt of draaien we hout?’

houthoudend papier
Papier dat niet alleen uit cellulose bestaat, maar ook onder bijmenging van houtslijp is vervaardigd.

houtvrij papier
Papier dat enkel uit cellulose bestaat.

huis-aan-huisblad
Gratis, huis aan huis verspreide krant met veel advertentie- en weinig redactiepagina’s. Huis-aan-huisbladen komen in Nederland zeer veel voor; gemiddeld 4,2 titels per gemeente. In de verstedelijkte plattelandsgemeenten met meer dan 13.000 inwoners is dit gemiddelde zelfs 5,3. Ze verschijnen doorgaans één of twee keer per week. Over het algemeen zijn de redactionele artikelen weinig kritisch, (semi-)commercieel alsmede slecht en slordig geschreven. In Utrecht, waar ze door de dezelfde uitgever als het Utrechts Nieuwsblad worden uitgegeven, mogen ze het nieuws niet eerder brengen dan de grote broer.
Een van de eerste huis-aan-huisbladen in Nederland was de Rotterdamse Havenloods. Het blad begon op 1 november 1951 als orgaan van de clubhuizen van de christelijke Stichting De Jeugdhaven in een tweewekelijkse oplage van 10.000 exemplaren. Het eerste jaar was de krant niet gratis; een abonnement kostte 60 cent per kwartaal. De Havenloods ontwikkelde zich in de jaren zestig tot een uniek huis-aan-huisblad. Vrij Nederland (1965): ‘Geëvolueerd tot de maatschappijkritische horzel in de conformistische wereld van de maasstedelijke pers.’
Jan-Hein de Groot, thans redacteur bij het Rotterdams Dagblad, begon er zijn loopbaan. Hij is van mening, dat de De Havenloods de aanzet gaf tot de emancipatie van de pers in Rotterdam. ‘Na de oorlog was het in Rotterdam een ongelooflijk ingeslapen, gouvernementeel zootje’, zegt hij. ‘De kranten stonden allemaal te juichen als er weer ergens twee stenen op elkaar werden gemetseld. Wij waren de eerste die de havenstakingen en de bewonersacties in het Oude Westen openlijk steunden. Als eerste besteedden wij aandacht aan het milieu.’ (Circuit/Cargo, 1 november 1991)
In 1972 werd het blad overgenomen door Wegeners Couranten Concern en verdween geleidelijk de linkse toon. Maar nog steeds heeft de krant het image van ‘echte krant’ in plaats van het badinerende ‘huis-aan-huisblaadje’. De Havenloods verschijnt thans tweemaal per week met 13 edities in een oplage van 300.000 exemplaren. (o.a. De Havenloods, 31 oktober 1991) [actualiseren]

huisorgaan
Tijdschrift dat door een organisatie gratis wordt verstrekt aan het eigen personeel, de eigen dealers en andere relaties.
Zie ook: bedrijfsjournalistiek.

huisstijl
In dezelfde stijl, vorm en kleur uitgevoerde visuele uitingen van een onderneming: logo, briefpapier, bewegwijzering, uniformen, beschildering van bedrijfsauto’s enz.

human interest

human interestverhaal

Humo
Belgisch radio- en tv-blad met een links kritische inslag, in 1936 begonnen als radioblad. Sinds ? ook verkrijgbaar in Nederland.

HVP

ideële reclame
Reclame ten behoeve van niet-commerciële doelstellingen, bijvoorbeeld van culturele of liefdadige aard.
Zie ook: SIRE.

ideeënbus

identificatie
1 Verschijnsel waarbij de ontvanger van een communicatieve uiting zich vereenzelvigt met de persoon of doelgroep die in deze uiting voorkomt. De zender zal bij de keuze van deze persoon of groep veelal streven naar gemakkelijke identificatie. 2 Vermelding van functie of relatie met het nieuws van persoon, organisatie, plaats die in een bericht voorkomen. Bijvoorbeeld: De oorlogsmisdadiger Jacob Luijtjens…, De ouders van de 8-jarige Anita die vorige week dood is aangetroffen in hun woning aan de…

identiteit
[verzuiling, ontzuiling]

IFJ
Internationale Federatie van Journalisten
Zie ook: Code van Bordeaux.

IFRA
Internationale organisatie van krantentechniek en research.

IFRA-Expo

ikoon
Zie: pictogram.

illustratie

illustratiemateriaal

IM
Zie: ingezonden mededeling.

image
Het geheel van gedachten en gevoelens dat een bepaald object bij een groep personen oproept. Het object kan zijn: een merk, produktgroep (automobielen), winkel, bedrijf (Wibra), multinational, een land of stad of de gebruikersgroep van een produkt (Opel- rijders, Ikea-klanten). Image-reclame is reclame die zich voornamelijk richt op het aanbrengen of verbeteren van een bepaald image. Een bekende definitie luidt: Image is not what you are, but what people think you are.

imagemaker
Amerikaanse benaming voor de PR functionaris die, doorgaans in politieke kringen, zijn baas een gunstig imago verschaft door gebruikmaking van uitgekiende PR taktieken, ook wel ‘mannetjesmaker’ genoemd.
Zie ook: mannetjesmaker, spincontrol.

imago
Zie: image.

incidentenjournalistiek
Verwijt aan journalisten. Volgens deze gedachte zou de journalistiek zich te veel bezighouden met de waan van de dag en heeft zij te weinig oog voor achtergronden en lange-termijnontwikkelingen. Gezien het toegenomen aantal achtergrondartikelen in de Nederlandse media is dit een nogal goedkoop verwijt. In Amerika wordt onderscheid gemaakt tussen spot news (heeft betrekking op specifieke gebeurtenissen) en spread news (heeft betrekking op het verloop van gebeurtenissen).

incidentenverslag
Verslag van een ramp, groot ongeluk, explosie, grote brand, gijzeling of i.d. Typisch voor incidentenverslaggeving is dat zij in fasen plaatsvindt. Aan het begin ligt de nadruk op de feiten, die vaak onvolledig en soms onjuist in de krant komen; pas later kan het incident worden gereconstrueerd en komen de achtergronden aan de beurt. Doorgaans wordt een incident verslagen door een algemeen verslaggever en een specialist op het desbetreffende gebied.

Index on Censorship
Engelstalig tijdschrift dat tien keer per jaar verschijnt. Uitgever is de non-profit organisatie Writers & Scholars International Ltd., gevestigd in Londen. Naast onder andere achtergrondartikelen en bijdragen die elders om redenen van censuur niet kunnen verschijnen, bevat ieder nummer een actueel overzicht van individuele slachtoffers van censuur. Het blad, begonnen in augustus 1972, wordt gemaakt door een kleine internationale redactie in samenwerking met medewerkers uit de hele wereld. Het wordt gelezen in meer dan honderd landen. In een aantal landen bestaan steuncomités; in ons land is dat de Stichting Index on Censorship Nederland, p/a Theater De Balie, Kleine-Gartmanplantsoen 10, 1017 RR Amsterdam. Adres: 32 Queen Victoria Street, London EC4N 4SS. Tel. 071-3296434, fax 071-3296461.

Infopers
Vereniging van journalisten en voorlichters werkzaam in de informatietechnologie.

informant

informatie
Het goed dat door middel van communicatie overgedragen wordt en gekarakteriseerd wordt door gegevens, die selectief al dan niet bij elkaar gevoegd zijn en een bepaalde intentie vertegenwoordigen.

informatiecentrum, federaal
Informatiecentrum, door de Russische president Boris Jeltsin in december 1992 ingesteld, met als doel ‘de hervormingen een informatiebasis verschaffen en de rol van de pers, de persbureaus, de televisie en de radio bij het toelichten van de staatspolitiek vergroten’. Hoofd van de dienst is de voormalig minister van informatie Michail Poltoranin.  Het centrum staat direct onder de controle van de president.

informatiecentrum

informatiedragers
Dragers van informatie. De handboeken noemen er meer dan zestig, van kleitablet tot beeldplaat. De belangrijkste zijn: rapporten, microfiches, microfilms, beeldplaat, compact disc, teletekst, viewdata/viditel, databanks en databases.

informatiekloof-/ kenniskloofhypothese
Hypothese die stelt dat het verschil in aanwezigheid en/of gebruik van bepaalde media tussen verschillende groeperingen in de maatschappij zal leiden tot een tweedeling tussen deze groeperingen, en wel die in ‘informationrich’ en ‘informationpoor’.

informatiemap

informatiesamenleving
Term die wordt gebruikt om samenlevingen te typeren waarin het merendeel van de arbeidskrachten in de informatiesectoren van de economie werkt; informatie een belangrijke hulpbron wordt; en informatie-activiteiten de tijdsbesteding gaan domineren.

informatiestroom

informatietechnologie (IT)
Het gebied van gegevensverzameling en verwerking door middel van computersystemen.

information seeking approach

informele circuit

informeren

infotainement
Zie ook: koffieautomaatprogramma, mediathon.

ingezonden mededeling (IM)
Advertentie op een redactionele pagina, meestal ‘IM-er’ genoemd. Duurder dan een advertentie op een advertentiepagina. Een eiland-advertentie is een ingezonden mededeling die geheel door redactionele tekst wordt omsloten.

ingezonden brief
Zie: brievenrubriek

inhoudsanalyse
Analyse van het redactionele en advertentionele aanbod in media, veelal op basis van een zorgvuldig gedefinieerd schema van categorieën. Inhoudsanalyse kan gegevens leveren waarmee men tracht te bepalen wat de invloed is van het medium of van gedeelten op het uiteindelijke effect van de in dit medium geplaatste boodschap.
Zie ook: media-onderzoek.

initialen
Eerste letter van voor- en achternaam, vooral gebruikt bij politie- en rechtbankverslaggeving om de privacy van de verdachte (de 26-jarige Utrechter D.S.) te beschermen. Het gebruik van initialen is meestal niet bevorderlijk voor de leesbaarheid van een verhaal. Bovendien zijn verdachten uit kleine dorpen ook via hun initialen te achterhalen. Ook gebruikt om verhalen te signeren. Sommige politiekorpsen geven geen initialen van verdachten, maar beperken zich tot leeftijd en eventueel beroep.
Zie ook: Raad voor de journalistiek

initiating journalism

injectienaald theorie
Theorie die stelt, dat de media almachtig zijn en de grote massa als het ware injecteren met informatie. Communicatie beweegt zich slechts in één richting (van zender naar ontvanger), iedereen wordt bereikt en de ontvanger is passief (hij kan niets doen aan de informatiestroom, die op hem afkomt).

inlichting

inscript-sponsoring
Zie: sponsoring.

insert
Tussenvoegen van tekst of beeld. Ook: bijgevoegde reclame. En bij televisie: tussenshot.

inspraak

inspraakavond

interactieve kabeltekstdiensten

interactieve dienst
Zie ook: kabeltekst.

Interfax
Onafhankelijk Russisch nieuwsagentschap, opgericht in 1989 uit onvrede met de door het Centrale Comité van het Communistische Partij en het Politburo gecontroleerde massamedia. Vanaf de oprichting maakt het persbureau gebruik van de fax om het nieuwsmateriaal te verspreiden.

interferentie

interlinie
De ruimte tussen twee regels. De instructie 12/14 bijvoorbeeld betekent: zetten in corps 12 met 2 pt interlinie.

internal pacing
Term die aangeeft dat de persoon die met een medium wordt geconfronteerd zelf kan bepalen hoe snel, in welke volgorde en hoe vaak hij de in dat medium opgenomen uitingen (advertenties en folders) wenst te bekijken.
Zie ook: external pacing.

interne communicatie
Het proces van communiceren binnen de organisatie tussen de verschillende interne ontvangers.

interne voorlichting

internet

Internieuws
Christelijk persbureau te Barneveld, opgericht 1 januari 1990, dat de media dagelijks voorziet van christelijk en kerkelijk nieuws uit Nederland en het buitenland. In samenwerking met het  Publiciteitsbureau Christelijk Nederland in Hollandse Rading wordt een weekbulletin uitgegeven met berichten over op handen zijnde activiteiten, standpunten van christelijke organisaties en overzichten uit tijdschriften van christelijke organisaties.

interpretative reporting
Reportagestijl waarbij steeds ook wordt gewezen op de menselijke aspecten van een zaak terwijl tevens met achtergrondinformatie wordt aangegeven hoe een en ander in elkaar steekt.

interview
Vraaggesprek voor publikatie in directe of indirecte citaatvorm, dan wel een achtergrondgesprek voor verkrijgen van informatie. Het meest voorkomende vraaggesprek is het ‘funnel interview’ met open vragen in het begin en kritische vragen aan het einde van het gesprek. Indien het om het hoogtepunt of de hoofdpersoon in een affaire of grote reportage gaat, spreekt men ook wel van een ‘smoking gun interview’ of ‘target interview’ (kern, schietschijf). Een gelijktijdig interview met meer mensen heet ‘panel’. Een biografisch interview of profiel legt de nadruk op de persoon, terwijl bij een thematisch interview de nadruk ligt op een zaak of een probleem. Bij ‘outside-in interviews’ gaat het om gesprekken vooraf met bekenden van de interviewee, als voorbereiding op het werkelijke interview.
Het woord interview is afgeleid van het Franse woord entrevoir (letterlijk: ontmoeting tussen twee of enkele mensen die collegiaal of vriendschappelijk van gedachten wisselen). In de journalistiek heeft de term zowel betrekking op het proces als het genre. Over de procesmatige kant (vragen stellen, doorvragen, samenvatten, non-verbale communicatie, paralinguïstiek enz) zijn zeer veel boeken verkrijgbaar. Wie meer te weten wil komen over de (schriftelijke) uitwerking, kan in de Nederlandse vakliteratuur eigenlijk alleen terecht bij Interviewen in de praktijk, Dick van der Lugt (Groningen/Houten, 2009) of bij boeken, waarin interviews zijn gebundeld. Maar die bevatten weer geen theorie.
In de vakliteratuur wordt het eerste interview toegeschreven aan de toenmalige hoofdredacteur van de New York Herald, James Gordon Bennett, die op 16 april 1836 een interview publiceerde met de madam van een bordeel, waar een prostituée was vermoord. (Michell Stephens, Geschiedenis van het nieuws, Utrecht 1989) Andere bronnen noemen Horace Greeley, redacteur en oprichter van de New York Tribune. Hij publiceerde op 20 augustus 1859 een gesprek met de mormoonse kerkleider Brigham Young.

intrapersoonlijke communicatie

intro
Kort, kernachtig stukje tekst bij een reportage of verslag, dat voorafgaat aan het eigenlijke verhaal en een samenvatting van het thema bevat. Wordt vaak door de eindredactie geschreven.
Zie ook: aanhef; lead.

introductiebijeenkomst

introductiebrochure

invalshoek

inverted pyramid
‘Trechter’ of ‘omgekeerde pyramide’, de normale opbouw van een nieuwsbericht die begint met een algemene mededeling en vervolgens details aanbrengt in volgorde van belangrijkheid.

investigative journalism
Zie: onthullingsjournalistiek.

invitatie

invloed
Zie: macht

involvement
Betrokkenheid, de mate waarin iemand zich ergens bij betrokken voelt. Deze involvement kent een cognitief aspect in de vorm van interesse en een affectief aspect in de vorm van zorg. Volgens een aantal theoretici worden attitudes bij lage involvement pas gevormd na gedrag, terwijl bij hoge involvement deze volgorde omgekeerd zou zijn. NSS Marktonderzoekbureau BV in Den Haag meet regelmatig de betrokkenheid van het Nederlandse publiek bij een aantal maatschappelijke problemen door middel van zogenaamde sociale indicatoren. Ook kan het oordeel over de betekenis van reclameherinnering worden genuanceerd naar de mate van involvement met het geadverteerde produkt, dienst of bedrijf.

IPR
Institute of Public Relations. Brits PR-genootschap in 1948 opgericht.

IPRA
International Public Relations Association. Overkoepelende internationale PR organisatie, opgericht in 1955, en heeft vanaf 1985 de ‘consultative status, category B’ in UNESCO verband.

IPS
Inter Press Service. Persbureau, in 1964 opgericht door een groep van ongeveer twintig Latijns-Amerikanen met als doel de informatiestroom tussen Europa en Latijns-Amerika te verbeteren. Na een aantal militaire staatsgrepen in Latijns-Amerika moest IPS haar kantoren daar sluiten, maar het  persbureau verdween niet en verbreedde zijn werkterrrein tot de gehele Derde Wereld. Het persbureau informeert vooral over sociale, economische en politieke processen en ontwikkelingen in de derde Wereld, en niet zoals de grote persbureaus, over calamiteiten en staatsgrepen. IPS heeft negentig kantoren en vijfhonderd afnemers. In Nederland is sinds eind 1983 een IPS-vestiging. Adres: Van Eeghenstraat 93, 1071 EX Amsterdam.

IPS-columnistendienst

ISBN
Internationaal Standaard Boek Nummer, een tiencijferig nummer dat aan elk boek van een uitgever wordt toegewezen, met een afzonderlijk nummer voor elke editie; het eerste deel van het nummer is een groepsaanduiding (het land of de groep landen), het tweede deel is de uitgeversaanduiding, het derde deel is de titelaanduiding en het laatste deel is een enkel controlenummer.

ISSN
Internationaal Standaard Serie Nummer, uniek nummer voor een periodieke uitgave.

issue advertising
Vorm van corporate advertising, waarbij wordt ingehaakt op een actuele situatie waar de organisatie rechtstreeks mee te maken heeft. een voorbeeld is het gelegenheidsadverteren tijdens sportmanifestaties.

item

ITT Publimedia
Uitgever van de Gouden Gids, die in 1983 al experimenteerde met haar ‘ITT Publikabel’ kabeltekstdienst. In 1986 bracht de divisie ‘ITT Publinet’ de eerste ‘Gouden Gids op Kabel’ in de woonkamers.

jaarverslag

jeugdjournaal
Eerste uitzending. Vier jeugdjournaals in Europa: Britse BBC, Duitse ZDF en Oostenrijkse ORF.

jeugdpagina
Pagina in de krant die zich op kinderen richt: vroeger elf- tot dertienjarigen, inmiddels twaalf- tot zeventienjarigen. Volgens de stichting Krant in de Klas bedroeg het aantal jeugdpagina’s in 1989 39. In zestig procent van de totale oplage van de NDP worden jongeren via jeugdpagina’s aangesproken.
Zie ook:  Primeur, Kidsweek, 7days.

jingle
Steeds herhaald geluidsfragment voor het opvullen van geluidspauzes of muzikale overgangen in een RTV-programma, vaak op aparte cassette.

jongensboeken journalistiek
Journalistiek die zich haast ziekelijk concentreert op het onthullen van schandalen. Jongensboek-journalisten, zoals Lex Runderkamp, vinden zichzelf de allerbeste journalisten, Kuifje in het land van de achterlijken.

journalees
Typisch taalgebruik van journalisten in de media, zoals ‘Fracties morren’, ‘kopt het AD’. De media gebruiken ook vaak standaard-formuleringen, vooral in koppen, zoals ‘hobbels nemen’, ‘scheve schaats’, ‘explosief’, ‘beleid hekelen’, ‘droomdebuut’, ‘seksschandaal’.

Journalism Educator
Waarschijnlijk enige vaktijdschrift over onderwijs in (bedrijfs)journalistiek en public relations.

Journalism Quarterly
Amerikaans tijdschrift op het gebied van massacommunicatie en journalistiek. Bevat analyses, boekaankondigingen en onderzoeksverslagen.

journalist (1)
‘Degene, die er zijn hoofdberoep van maakt mede te werken aan de redactionele leiding of aan de redactionele samenstelling van de inhoud van een door zijn werkgever uitgegeven dagblad en eventueel ander periodiek, voorzover deze inhoud bestaat uit nieuwstijdingen, foto’s, verslagen en/of artikelen.’ (CAO voor Dagbladjournalisten) In Nederland werken circa tienduizend journalisten van wie 3396 bij dagbladen (1.5.1989). In 1990 was 17 procent van de journalisten bij de Nederlandse dagbladen van het vrouwelijk geslacht. De ranglijst wordt aangevoerd door de Gooi- en Eemlander (32 procent), hekkesluiter is de Drents Groningse Pers (6 procent). Bij de omroepen lopen de cijfers sterk uiteen en bij de opinietijdschriften komen de dames er goed vanaf.
Volgens de Stichting Vrouw & Media staat het personeelsbeleid ten aanzien van vrouwen nog maar in de kinderschoenen. Er zijn nog nauwelijks kranten met regelingen voor kinderopvang. Bureau Berenschot stelde in 1990 in een onderzoek naar het beloningsniveau van journalisten vast dat dagbladjournalisten minder verdienen dan werknemers in vergelijkbare beroepen. Ook vergeleken met het buitenland worden journalisten laag betaald. Bij de regionale dagbladen is het verloop onder journalisten tweemaal hoger dan bij landelijke bladen. Het verloop is er het hoogst in de klassen 2 en 3. De vertrekkers, gemiddeld rond de 30 jaar, gaan bij voorkeur (61%) naar een ander dagblad. Alleen bij kranten, waar relatief goed betaald wordt, verdwijnen verhoudingsgewijs meer mensen richting radio, televisie, voorlichting en pr.
Zie ook:  CAO; oorlogsverslaggeving; persmuskiet.

journalist (2)
Persmuskiet, krullenjongen, pottekijker, nieuwtjesjager, inktkoelie, riooljournalist: talrijk zijn de scheldnamen van een journalist. De cabaretier Wim Kan introduceerde in een oudejaarsconference de uitdrukking: schorriemorrie van de pers. De socioloog Max Weber schreef in 1918: ‘De journalist hoort tot een soort paria‑kaste, die in maatschappelijke zin altijd wordt beoordeeld naar de ethisch laagststaande vertegenwoordigers.’ Joop Visser zingt op zijn cd Opnieuw opgenomen over de ‘joe-hoe-hoernalisten’. De tekst is weinig complimenteus.
Een onderzoek naar beroepsprestige plaatste de journalist in 1953 tussen onderwijzer en technisch tekenaar en een
NIPO onderzoek wees in 1962 uit dat de journalist kan worden gerangschikt tussen de postbode en de politieagent.
In 1989 onderzocht dr. A. Kaiser van de vakgroep massacommunicatie van de Rijksuniversiteit Utrecht in opdracht van het journalistenvakblad Reporter de relatie tussen dagbladjournalisten en publiek. Haar conclusie: het publiek heeft een positief beeld van journalisten en de journalistiek, maar dat beeld is wel stereotiep en clichématig; zo wordt de journalist gezien als een apostel die ‘slordig gekleed, hemd uit de broek, whisky in de hand, sigaret in de mondhoek’ de wereld wil verbeteren. Misschien toch een beetje waar, want een journalist bij de Britse regionale krant The Kidderminster Shuttle werd in augustus 1999 ontslagen vanwege zijn onaangename lichaamsgeur en onhygiënische uiterlijk.
Maar het woord pers kent niet alleen negatieve connotaties. De pers is de ‘koningin der aarde’, de krant is ‘een meneer’, ‘de waakhond van de democratie’ en speelt een belangrijke rol in het maatschappelijk debat.
Zie ook: Fourth Estate.

Journalist, De
Verenigingsorgaan van de NVJ. De voorloper van De Journalist verscheen voor het eerst in augustus 1896 onder de titel: Maandelijksche
Mededeelingen van het bestuur van den Nederlandschen Journalistenkring.
Na de titels Mededeelingen van den Nederlandschen Journalistenkring en Maandblad van den Nederlandschen Journalistenkring verscheen het blad  per 2 oktober 1919 onder de naam De Journalist, met als ondertitel Orgaan van den Nederlandschen Journalistenkring.

In de periode januari 1941 tot half 1946 kwam het blad niet uit vanwege de oorlog. Sinds 1975 heeft De Journalist een redactiestatuut waarin staat dat het vakblad door een zelfstandige redactie wordt geredigeerd. In 1979 kwam de eerste vrouw in de redactie: Susanne Piët. De afgelopen 114 jaar hebben honderden medewerkers bijdragen geleverd. Duizenden zelfs, als incidentele schrijvers worden meegeteld. De oplage van De Journalist is 9.500. Daarvan gaan er 8.500 naar NVJ-leden en 1.000  naar niet-leden. Vanaf 25 september 2009 werd het blad voortgezet onder de titel Villamedia.(de Volkskrant, 17 september 2009)
Zie ook: NVJ; Villamedia.

 journalistencafé
Café waar veel journalisten komen. Sinds de verhuizing van redacties naar buitenwijken en industrieterreinen bestaan er nog maar weinig typische journalistencafs. Over het belang van dit soort etablissementen voor het vak doen veel sterke verhalen de ronde. Voormalig directeur Geert-Jan Laan van Het Vrije Volk meent evenwel: ‘Uit het café haal je zelden nieuws, en al helemaal niet uit een caf waar je met allemaal journalisten staat.’ (Circuit, april 1993)
Zie ook:  Scheltema; Schouwtje

journalistensyndroom
Frustratie bij journalisten omtrent de aard van hun beroep en de tijdelijke waarde van hun produkten als gevolg van de intermediaire functie van de journalist tussen zender en ontvanger. Neiging om zichzelf ook enige autoriteit toe te kennen. Reactiepatroon onder andere: cynisme tonen omtrent eigen beroep, nooit enige collega waarderen en zwaarder accent leggen op het leveren van niet-polemisch commentaar ten koste van de aandacht voor reportages.

journalistiek privilege
Zie: verschoningsrecht

journalistiek, in het bijzonder nieuwsgaring, selectie en presentatie
Leerstoel aan de Rijksuniversiteit van Groningen, in 1992 voor vijf jaar ingesteld door de Stichting Groninger Studie Journalistiek. De leerstoel is verbonden aan de afstudeerrichting journalistiek, die sinds september 1991 bestaat.
Zie ook:  post-doctorale opleiding journalistiek

jubileum

justitie-politie-pers, overlegorgaan

  1. No comments yet.

  1. No trackbacks yet.