‘Moet ik doodgaan voordat ik aangifte kan doen?’

Met het begin van het nieuwe schooljaar zijn de gevechten tussen studenten van rivaliserende beroepsopleidingen weer begonnen. Drie studenten van twee opleidingen in Samut Prakan vertellen hoe ze die proberen te vermijden.

Nathani Uthairat (18, foto) heeft zijn verleden als vechtersbaas afgezworen. De derdejaars student aan het Samut Prakan Polytechnic College wil zijn opleiding met lof afsluiten en daarna als monteur gaan werken in een fabriek in Samut Prakan.
‘Aanvallen op studenten van andere opleidingen hebben geen enkele zin; ze versterken alleen het ego van bendeleiders. Ik heb een vriend zien sterven en kennissen gehandicapt zien raken, alleen maar vanwege de zinloze vijandschap tussen bendes van wraakzuchtige studenten’, zegt hij.
Met het begin van het nieuwe schooljaar zijn de gevechten tussen studenten van rivaliserende beroepsopleidingen weer begonnen. Nat, zoals zijn vrienden hem noemen, heeft er schoon genoeg van. Hij vermijdt situaties die tot een gevecht kunnen leiden, want de autoriteiten en de politie doen weinig aan het beteugelen van het geweld.
Toen studenten van een andere opleiding een zelfgemaakte bom naar het schoolgebouw gooiden, keek de politie van veilige afstand toe, vertelt Nat. ‘We vroegen waarom de dader niet werd opgepakt, waarop de politie doodleuk antwoordde dat dit niet nodig was, omdat niemand gewond was geraakt.’
Op een keer na een treffen met een student nam de agent op het politiebureau hem niet serieus toen hij vertelde dat zijn tegenstander een zwaard bij zich had. De agent wilde ook geen proces-verbaal opmaken omdat Nat niet gewond was. ‘Dus vroeg ik hem: Betekent dit dat ik gewond moet zijn of moet doodgaan voordat ik aangifte kan doen?’ De agent stond met zijn mond vol met tanden.
Suwattana en Jamorn trekken pas op school hun schooluniform aan
De 17-jarige tweedejaars student electronica aan het rivaliserende Technical College in Samut Prakan Suwattana Bancheun heeft soortgelijke ervaringen. Aan het eind van de schooldag overlegt hij met zijn vriend Jamorn Ngunchai hoe veilig thuis te komen. Ze zijn klein van stuk en dat maakt hen een gemakkelijke prooi voor bendes. Er gaat bijna geen dag voorbij of ze zijn zich ervan bewust aangevallen te kunnen worden. Jamorn is al eens achterna gezeten. Een litteken op de achterkant van zijn onderbeen herinnert aan een aanval.
Gevraagd waarom ze zich niet aansluiten bij een bende, zegt Jamorn: ‘We zijn niet de knapste studenten, maar we willen wel iets van ons leven maken. We willen een toekomst. We hebben voor een kleine groep van gelijkgestemde studenten gekozen, die elkaar in de gaten houden. Dat is de enige manier om niet op te vallen. Soms werkt het, maar soms ook niet. Maar dat is het leven van een beroepsstudent; daar moeten we mee leven.’
Om risico’s te vermijden gaan Suwattana en Jamorn in hun eigen kleding naar school en trekken pas op school hun schooluniform aan. Ze vertrekken ’s ochtends ook zo vroeg mogelijk.  Een aantal keer op de terugweg naar huis zijn ze uit de bus gestapt toen een student van een rivaliserende opleiding was ingestapt.
Hun ouders maken zich zorgen. ‘Mijn ouders wilden aanvankelijk niet dat ik naar deze school zou gaan. Maar ik heb ze kunnen overtuigen dat ik extra voorzichtig zal zijn en hard zal studeren om een goede toekomst voor mezelf te scheppen. Ze gingen akkoord, maar ze waarschuwen me nog elke dag om voorzichtig te zijn.’
(Bron: Bangkok Post, 17 juni 2013)

Foto: Jamorn Ngunchai en Suwattana Bancheun (rechts)

  • Trackback are closed
  • Comments (0)
  1. No comments yet.